‘Vertel eens wat je nodig hebt’

Wat zou ik als mantelzorger van een zoon met een ernstige psychiatrische aandoening en daarbij ook verslaafd, blij zijn geweest met deze vraag. En tegelijkertijd zou ik verbaasd zijn geweest. Heb ík wat nodig? Het is mijn zoon die zorg, aandacht en ondersteuning nodig heeft. Maar niet ik, zijn moeder. Toch?

Als mantelzorger van een naaste met psychiatrische en/of verslavingsproblematiek, vind je het vanzelfsprekend om te zorgen voor die psychische zieke naaste. Zo’n situatie overkomt je.  Sluipenderwijs verlies je je eigen kwaliteit van leven uit het oog. Je doet er alles aan om ervoor te zorgen dat het leven van je psychisch zieke naaste op peil blijft. Vaak is dat water naar de zee dragen. Het is een strijd die je dreigt te verliezen, ten koste van jouzelf. En waarbij je rol als partner, ouder, kind, vriend, ondergesneeuwd kan raken. De relatie verandert. Je wordt crisismanager, geeft financiële ondersteuning, regelt allerlei andere praktische zaken. Misschien verval je ook in de rol van mede hulpverlener. Want wie kent zijn naaste nu het beste, wie weet het beste welke hulp hij nodig heeft? Tot je op een dag ontdekt dat je geen plezier meer hebt in het leven. Het is één grijze brij, met af en toe een klein lichtpuntje. Je hebt amper nog tijd om leuke dingen te doen, komt niet meer toe aan je hobby’s. Je bent altijd alert. Kortom, je bent verstrikt geraakt in de zorg. Je werkprestaties worden er door beïnvloed. In het ergste geval verlies je je baan. Of je wordt zelf zorgvrager. Meer dan eens heb ik wanhopig tegen hulpverleners van mijn zoon gezegd ‘Als jullie zo doorgaan, niet naar mij luisteren, dan kunnen jullie mij binnenkort ook opnemen!’ Zo machteloos kun je je gaan voelen.

Dus de vraag ‘Vertel eens wat je nodig hebt. Hoe kunnen we jou als naaste van iemand met een psychische ziekte en/of verslaving helpen en ondersteunen?’ is een vraag van levensbelang.

Mijn redding kwam van de psychiater van mijn zoon. Hij luisterde, hoorde mijn wanhoop en machteloosheid. Stapje voor stapje ontworstelde ik mij met professionele ondersteuning aan de wurgende greep van de eeuwige zorg om hem. Langzamerhand begon hij te accepteren dat ik weer terug ging naar mijn rol als moeder, kwamen de humor en vrolijkheid in onze relatie weer terug.

Klopt een mantelzorger ggz voor de eerste keer aan, geef meteen dat luisterend oor, neem er de tijd voor. Het kost tijd en energie in het begin, maar het levert snel meer tijd op. Als de mantelzorger weet dat er écht geluisterd wordt, dan zal hij alleen tijd en aandacht vragen als dat nodig is. Maak dit een vanzelfsprekendheid door die sleutelvraag te stellen: ‘Vertel eens wat je nodig hebt.’

Rita van Maurik,
familiecoach GGz en verslaving/familie-ervaringsdeskundige

©2020-2021 Koepel Adviesraden Sociaal Domein | Disclaimer | Privacy verklaring | Sitemap

Secretariaat
Zalmsteek 23
3192 MC Hoogvliet-Rotterdam